nieuws

Kay Sleking: Improvisatie en dansbare tangomuziek

Kay Sleking

,,Het was begin jaren tachtig. Ik speelde al een tijdje geen gitaar meer”, vertelt Kay Sleking. ,,Toen nam een vriendin me mee naar het concert van Piazzolla en Pugliese in Carre. Dat was het moment dat ik voor het eerst in aanraking kwam met tangomuziek. De melancholie in die muziek raakte me enorm. En van het een kwam het ander”. Via het concert kwam hij in contact met Carel Kraayenhof en Leo Vervelde die bezig waren met het starten van een opleiding voor tangomusici aan het Rotterdams Conservatorium. Na het behalen van zijn bachelor diploma Klassieke Muziek, deed hij een master opleiding aan de vakgroep Argentijnse Tango, waarna hij docent werd aan de vakgroep.

Onder de melancholie van de tango ligt volgens Sleking een sterke ritmische basis..Tangomuziek heeft een eigen karakter. Een duidelijk swing, heldere fraseringen en accenten. Daardoor herken je tangomuziek direct”, vertelt Kay Sleking. ,,Die typische tangoswing is anders dan in andere genres zoals jazz, klassieke muziek en latin”. Tango is een heel divers genre; zo heb je de langzame en melancholieke milonga campera, die Piazzolla o.a. gebruikte in zijn compositie Oblivion. Dan is er de wals, niet te verwarren met de klassieke versie. De tango wals is sterk beïnvloed door Oost Europese volksmuziek, de folklore uit Argentinië, maar ook uit andere Latijns Amerikaanse landen zoals Peru en Venezuela. En last, but not least de Tango, die vele ritmische lagen in zich draagt.

In tegenstelling tot bijvoorbeeld jazz waar improvisatie belangrijk is, laat tango daar wat minder ruimte voor. ,,Improvisatie is eigenlijk alleen mogelijk in kleine bezettingen. Een Orquesta Tipica laten improviseren, zal zeker een kakofonie opleveren omdat er teveel musici zijn om ‘on the spot’ afspraken te maken over wie de solo of de begeleiding neemt. Het is mooi dat er beide richtingen zijn, die elkaar ook stimuleren; zowel het spontane in de improvisatie als het doordachte in de arrangementen en composities.

Nog altijd is tangomuziek in beweging en levend. ,,,Er zijn musici die vertrekken vanuit een synthese tussen tango en klassieke muziek, daarbij bijvoorbeeld gebruik maken van een sterk ritmisch of melodisch element in de tangomuziek dat uit de context wordt gehaald, waardoor het weer een gegeven op zich wordt. Of musici die tango en jazz aan elkaar verbinden, zoals Piazzolla ooit heeft gedaan”, legt hij uit. Niet elke muziekstroming is even dansbaar voor tangodansers. En de muziek op salons zullen de meeste mensen niet thuis opzetten: ,,Op salons hoor je muziek van de klassieke orkesten. Meestal is daarin door de compressietechniek veel van weggefilterd. Uiteindelijk hoor je maar veertig procent van de passie en de ‘know how’ die het orkest erin stopt. Best jammer”.

Kay Sleking is naast muzikant ook oprichter van De Koffiefabriek in Antwerpen, met als doel om het improviserende karakter van dansbare tangomuziek te belichten. Hij speelde er met vele international tangomusici.